Ga eens naar …
In dit blogbericht geef ik jullie leuke alternatieven voor toeristische trekpleisters
Ik moet jullie er niet van overtuigen dat Parijs een prachtige stad is. Fantastische musea, mooie parken en indrukwekkende kerken. Reisgidsen staan er vol van. Jammergenoeg, veel mensen volgen dezelfde reisgid. Hierdoor wordt het soms moeilijk om, in de drukte, van Parijs te blijven genieten. Gelukkig is er in Parijs genoeg aanbod en zijn er voldoende alternatieven.
In deze blogpost help in je op weg en toon je alternatieven voor enkele ‘must-sees’.
In dit bericht geef ik jullie een leuk alternatief voor deze toeristische trekpleisters:
De Notre Dame: De indrukwekkende kathedraal in het midden van de stad
Het Louvre: Indrukwekkend maar ook het meest bezochte kunstmuseum ter wereld
De tuilerietuinen: Indrukwekkende tuin om mensen te spotten, als je een zitplekje kan vinden
Ga eens naar ‘Église Saint-Eustache’ in plaats van de ‘Notre Dame’
De Notre Dame is Franse geschiedenis. Victor Hugo schreef er zijn boek over, Napoleon kroonde er zichzelf tot Keizer. Het is zelf het officiële middelpunt van Frankrijk want op het plein voor de Notre Dame ligt de ‘Point Zéro’. Dit is het officiële nulpunt van waaruit alle afstanden in Frankrijk worden gemeten. Sinds de heropening na de brand in 2019 is de kathedraal ongelofelijk populair. Door de vele bezoekers heb je weinig tijd en ruimte om de pracht van de kerk in je op te nemen. Ga daarom eens naar ‘Eglise Saint-Eustache’, vlak naast ‘Les Halles’. Deze kerk heeft ‘De kathedraal van Les Halles’ als bijnaam.
De bouw van de indrukwekkende kerk begon in 1532. Door problemen met de financiering werd de bouw van de kerk regelmatig onderbroken. In 1633 was de kerk klaar. Door de lange bouwtijd heeft de kerk gotische als renaissancistische kenmerken.
In de kerk zijn 25 zijkapellen, allemaal prachtig versierd met schilderijen, beelden en glas in lood ramen. In een zijkapel hangt een bronzen drieluik ‘Het leven van Christus’ van Keith Haring. Het orgel in de kerk is het grootste orgel van Parijs.
In de kerk vinden regelmatig klassieke concerten plaats, een heel leuke manier om de kerk op een andere manier te beleven.
Mijn review:
Geweldig! Deze kerk ligt in het midden van Parijs, vlak naast het metrostation ‘Les Halles’ je kan het eigenlijk niet missen. En toch, hier is het rustig. Geen wachtrij en tijd om rustig van de kerk te genieten. Je kan hier een speld horen vallen. De versiering is ook prachtig, van klassieke schilderijen tot een kunstwerk van Haring. Voor deze kerk kan je gerust de Notre Dame skippen!
Praktisch:
Adres: 2 Imp. Saint-Eustache, 75001 Paris
Bereikbaarheid: RER: Chatelet Les Halles/Metro: Les Halles
Elke dag open van 10u tot 18u30
Ga eens naar ‘Musée national Eugène Delacroix’ in plaats van het ‘Louvre’
Het Louvre, het grootste kunstmuseum ter wereld. Eerlijk? Je moet er wel eens een indruk van hebben op gedaan. Maar heel eerlijk? Het museum zit volgeladen van bezoekers, die vooral op zoek zijn naar de Mona Lisa. Als mensen mijn advies vragen voor een bezoek aan het Louvre, zeg ik altijd ‘kies één deel van het museum dat voor jou interessant is, en heb er vrede mee dat je niet heel het museum kan zien’.
Dus, waarom geen museum bezoeken die één deeltje van het Louvre gaat uitlichten?
Een van de bekende kunstwerken in het Louvre, is ‘La Liberté guidant le peuple’. Een schilderij dat we ons allemaal voor de geest kunnen halen. Met Marianne die de Franse vlag omhoog houdt. Dit schilderij is van Eugene Delacroix. Zijn oud appartement in het 6de arrondissement is tegenwoordig een museum, het ‘Musée national Eugène Delacroix’.
Delacroix had een speciale band met de ‘Rive Gauche’, hij werd er altijd opnieuw toe aangetrokken. Dit appartement was de laatste plek waar hij in Parijs ging wonen. Hij koos deze plek omdat hij wilde wonen en werken in de omgeving van de Saint-Sulpice kerk. Waar hij mee aan de decoratie van de kapel werkt.
In tegenstelling tot het Louvre is dit een klein en intiem museum. De drie kamers van zijn voormalig appartement vertellen over het leven en de werken van de schilder. In de tuin ligt zijn oude studio. Deze tuin is meteen ook de verborgen parel in het museum dat al een verborgen parel op zich is. Delacroix ontwierp de tuin destijds zelf, aan de hand van de factuur van de tuinman weten we dat de tuin vol kleurrijke bloemen stond en hierdoor heel wat contrasten had. Ondertussen zijn de bloemen in de tuin iets meer aangepast aan het huidig klimaat. Maar je kan je nog steeds voorstellen hoe Delacroix inspiratie uit zijn tuin haalde. De tuin nodigt nog steeds uit om te vertagen. Bezoekers komen hier even een boekje lezen, schetsen of schaduw opzoeken. In de tuin zijn regelmatig lezingen of tekenlessen.
Vier kamers in vergelijking met een oneindig aantal kamers in het Louvre. En toch, ik vind deze een bezoekje waard. Weg van de drukte, weg van de wachtrijen en tijd om echt van kunst te genieten. Het museum heeft te veel werken om in de ruimte uit te stallen. Ze werken regelmatig met nieuwe thema’s om zo telkens nieuwe onderdelen van de collectie tentoon te stellen.
Mijn review:
Dit museum is intiem en rustig. Hier is geen wachtrij, of drukte. De kamers geven een beeld over hoe Delacroix was als mens. In zijn studie zie je hoe briliant de kunstenaar eigenlijk was. Vanaf het moment hij de verf op zijn pallet legde tot het op het doek kwam, hij dacht er allemaal over na.
Eindig je bezoek in de tuin. Het is er rustig, er zijn genoeg plekken om te zitten en op een zonnige dag heb je genoeg schaduw. Tip, breng een boek me om helemaal te vertragen.
Je hebt het museum snel gezien. Maar eerlijk? Na twee dagen stappen in Parijs is het heerlijk om even te vertragen en een museum te bezoeken zoals het eigenlijk hoort. Door genoeg tijd te nemen om van de omgeving te genieten.
Dit museum ligt ook nog eens in een geweldige buurt om achteraf iets te gaan drinken ;)
Ga eens naar ‘Jardin Des Plantes’ in plaats van de ‘Tuilerie tuinen’
De Tuilerie tuinen, de oude paleistuinen tussen Place de Concorde en het Louvre. Ze zijn indrukwekkend, en een van mijn favoriete plekken om mensen te spotten. De tuinen speelden een belangrijke rol in de Franse geschiedenis. Het was André Le Notre, de beroemde tuinman van de zonnekoning, die de tuin ontwierp zoals we die nu kennen. Het is echt hét voorbeeld van een Franse tuin.
Het werd het eerste park die, in de 18de eeuw, voor het publiek toegankelijk werd. Fans van beeldhouwerk komen hier zeker ook aan hun trekken. In het park staan 174 sculpturen, waaronder ‘De kus’ van Rodin. De Eiffeltoren is bijna vanuit elk punt in het park te zien.
Kortom, het park is prachtig en het ligt echt middenin het toeristische Parijs. Wat zeker indrukwekkend maakt. Maar op sommige momenten is het park zo druk. Dat je door het bos de bomen, of door de vele bezoekers, de schoonheid van het park niet meer ziet.
Ga daarom bij je volgende bezoek eens naar ‘Jardin des plants’. Het is geen typisch Franse tuin, maar ik vind het wel op andere manieren indrukwekkend. Deze tuin is zo veelzijdig en heeft één doel: Kennis delen en de natuur beschermen.
Door zijn link met de wetenschap blijft de tuin zich ontwikkelen. Lodewijk XIII gaf in 1635 de opdracht om de ‘Koninklijke tuin voor Geneeskrachtige planten’ aan te leggen in Parijs. De timing van de aanleg van de tuin is niet toevallig. In deze tijd ontdekten mensen voor hen onbekende delen van de wereld. Dit zorgde voor een nieuwschierigheid en interesse in natuurwetenschappen bij het publiek. Mensen hadden in die tijd de nood om al het nieuwe ‘de curiositeiten’ de bestuderen en klassificeren. De aanleg van de tuin valt midden in deze rage. Exotische plantensoorten werden bestudeerd en daarna ook geacclimatiseerd.
In 1739 werd de graaf van Buffon hoofdinspecteur van de tuin. Geinspireerd door de verlichting zal hij de rest van zijn leven bezig zijn met het uitbreiden en ontwikkelen van de tuin tot een echt centrum voor wetenschappelijk onderzoek. Met nieuwe kassen en gallerijen, ondertussen staan er vijf grote kassen. Tegenwoordig vind je in de tuinen ‘de gallerij van de evolutie’, de ‘menagerie’ met kleine en middelgrote dieren, ‘de galerij voor Paleontologie’, de grote serres en ‘de galerij voor geologie en mineralogie’.
Het park heeft verschillende landschappen. Er is een rozentuin, een ecologische tuin en een alpentuin. Je hebt het gevoel dat je door verschillende parken loopt. Dit park is een must voor plantenliefhebbers!
Bezoek je het park in maart/april? Dan staan de Japanse kersenbomen in bloei! En dan is het park nog een extra bezoekje waard.
Mijn review:
Geweldig! Neem zeker je tijd voor een bezoek. De tuinen zijn groot en verassend! Probeer de tuin in de lente te bezoeken, dan is hij het mooist. De vele bloemen zorgen voor een kleurrijk geheel. Kan je niet genoeg krijgen van de planten? Bezoek dan eens de kassen. Dit park is zeker de moeite als je in Parijs bent!
Na het park zin in een theetje? De grote moskee ligt hier om de hoek. Hier hebben ze heel lekkere muntthee.
Praktisch:
De tuinen zijn gratis. De kassen of gallerieën zijn betalend. Meer info op de website.
Openingsuren:
Maart tot september: Elke dag, van 7u30 tot 20u
Oktober: Elke dag, van 8u tot 18u
November tot februari: Elke dag, 8u tot 17u30